Dagje Weg met Kinderen: Speeltuinen en Attracties

Het is zaterdagochtend, ergens rond half acht. De koffie loopt nog door en twee stuiterballen staan naast je bed te vragen wat de planning is. “Gaan we weer naar die ene speeltuin om de hoek?” Nee dus. Je wilt weg, maar je hebt ook geen zin om drie uur in de file te staan richting een gigantisch pretpark waar je voor een vermogen aan kaartjes kwijt bent en vervolgens de helft van de dag in de rij staat.

Kijk, ik woon en werk nu al jaren in en rond het Groene Hart en ik blijf mensen vertellen: dit gebied is de onbezongen held van de gezinsuitjes. Het is hier niet zo gelikt als in Orlando, en dat is precies waarom het werkt. Hier mag je vies worden. Hier ruik je koeien (ja, dat hoort erbij) en hier kunnen kinderen nog echt even losbreken uit dat strakke schema van school en sportclubjes.

De ‘Grote Namen’ die wél de moeite waard zijn

Laten we even realistisch beginnen. Soms wil je gewoon een attractiepark waar alles geregeld is. Hek erom, horeca aanwezig, en gaan. In het Groene Hart heb je een paar klassiekers die ik keer op keer aanraad, maar om andere redenen dan je in de folder leest.

Archeon: Modder en Romeinen

Het Museumpark Archeon in Alphen aan den Rijn is een vreemde eend in de bijt, op de best mogelijke manier. Veel ‘educatieve’ uitjes zijn saai, laten we eerlijk zijn. Kinderen willen niet lezen, ze willen doen. In Archeon stinken de hutjes echt naar rookvuren. De mensen die er rondlopen in middeleeuwse kleding zitten niet op hun telefoon te kijken, maar staan brood te bakken of wol te spinnen.

Mijn tip: check van tevoren wanneer de gladiatorengevechten zijn. Ik was er laatst met mijn neefje van acht en die heeft het er drie weken later nog over. Het is rauw, er wordt geschreeuwd, en het voelt echt. Voor de allerkleinsten is het soms wat intens, maar voor basisschoolleeftijd is het goud. En ja, je kunt er zelf een fibula (mantelspeld) maken, wat stiekem leuker is dan je als volwassene wilt toegeven.

Vogelpark Avifauna: Eigenlijk gewoon een speeltuin met vogels

Ik ga hier misschien wat boze biologen mee over me heen krijgen, maar voor de meeste gezinnen is Avifauna in de eerste plaats een gigantische speeltuin waar toevallig ook flamingo’s wonen. Die speeltuin is legendarisch in de regio. Er is een enorme toren met glijbanen waar je als ouder je hart vasthoudt (maar die superveilig is), en je kunt er zelf bootjes besturen.

Wandelroutes door het park zijn leuk, vooral de lori-landing waar die vogeltjes op je hoofd komen zitten om nectar te drinken. Pas wel op: ze poepen. Een gewaarschuwd mens telt voor twee, dus trek niet je allernieuwste witte overhemd aan.

Natuurspeeltuinen: Vies worden is verplicht

Dit is mijn favoriete categorie. De laatste jaren schieten de ‘natuurspeeltuinen’ als paddenstoelen uit de grond. Geen felgekleurd plastic en rubbertegels, maar boomstammen, waterpompen, modder en wilgentunnels. Het idee is simpel: kinderen spelen leuker als ze zelf hun fantasie moeten gebruiken.

In de buurt van Woerden en Gouda vind je een paar pareltjes. Het mooie hiervan is dat het vaak gratis is, of slechts een paar euro kost voor onderhoud.

  • Als je in de buurt van Reeuwijk bent, zoek dan de lokale speelpolders op. Het is eigenlijk gewoon een stuk drassig land met wat touwen en vlotten. Vaak gaat het hier mis met de ‘droge voeten’-garantie, dus gooi standaard een handdoek en een set schonen kleren achterin de auto.
  • Speelbos ’t Laer bij Laren (net randje, maar bereikbaar) of de natuurspeelplaatsen in de Krimpenerwaard. Je ziet hier kinderen veranderen. Eerst staan ze wat onwennig te kijken, vijf minuten later slepen ze met takken om een dam te bouwen.
  • Voor de ouders is dit ook relaxter. Je hoeft niet constant te ‘helpen’ op de schommel. Je zoekt een bankje, pakt je koffie to-go erbij en laat ze maar aanmodderen. Letterlijk.

De boer op: Geertje’s Hoeve en meer

Het Groene Hart is boerenland. Je kunt er niet omheen. Voor veel stadse kinderen is de connectie tussen melk in een pak en dat beest in de wei totaal zoek. Een bezoek aan een actieve boerderij is daarom altijd een hit, zeker met peuters en kleuters.

De absolute koning van de regio is wat mij betreft Geertje’s Hoeve in Haarzuilens. Het ligt technisch gezien onder de rook van Utrecht, maar ademt alles wat het Groene Hart is. Waarom is dit zo populair? Omdat het laagdrempelig is. Je loopt het erf op, ruikt de geiten, en je kunt die beestjes flesjes melk geven.

Even een waarschuwing uit ervaring: die geiten zijn brutaal. Als je met een flesje melk in je hand de weide inloopt, word je besprongen door dertig hongerige beestjes. Kleintjes schrikken daar soms van, dus til ze even op of begeleid het goed. Daarna eet je pannenkoeken in de oude deel. Het is simpel, het is druk in het weekend, maar het sfeertje klopt gewoon altijd.

Slecht weer? Geen paniek

Laten we niet doen alsof het hier altijd stralend weer is. Het regent in Nederland vaker wel dan niet. Wat doe je dan met die energieke kinderen in het Groene Hart? Je kunt naar een standaard binnenspeeltuin (monkey town-achtige plekken zijn er genoeg), maar er is meer.

De Gouda Cheese Experience klinkt als een tourist trap, maar is verrassend leuk. Het is interactief. Je mag aan wielen draaien, koeien ‘melken’ (digitaal of mechanisch) en natuurlijk proeven. Het duurt geen hele dag, maar je bent er zo anderhalf uur zoet.

Een andere optie is het Touwmuseum in Oudewater. Klinkt saai? Dacht ik ook. Totdat je ziet wat je allemaal met touw kunt doen en hoe die geschiedenis in elkaar zit. Oudewater zelf is trouwens ook prachtig om even doorheen te rennen als het even droog is, en vergeet de Heksenwaag niet. Jezelf laten wegen op een 17e-eeuwse weegschaal heeft iets magisch. En gelukkig ben ik nog nooit te licht bevonden (oftewel: ik ben geen heks, en jij waarschijnlijk ook niet).

Kleurrijke chaos bij Avonturenboerderij Molenwaard

Als je kinderen onder de 8 hebt, ken je Fien en Teun. Die twee boerenkinderen zijn een marketingmachine geworden, maar hun thuisbasis in Groot-Ammers is echt goed opgezet. Het heet Avonturenboerderij Molenwaard.

Wat ik hier sterk vind, is de educatieve laag. Je haalt een polderpaspoort en gaat opdrachten doen. Hoe groeien tomaten? Waar komen eieren vandaan? Het is enorm gericht op het jonge grut. Verwacht hier geen achtbanen, maar wel rustige trekkerbaantjes, bootjes en shows.

Let wel op de prijzen en de drukte. In vakanties kan het hier ‘koppenlopen’ zijn. Mijn strategie? Ga op een doordeweekse studiedag als de rest van Nederland op school zit. Dan heb je alle ruimte.

Praktische tips voor ouders die hun verstand willen behouden

Een dagje weg is leuk, maar het organisatorische gedeelte is vaak gedoe. Na jarenlang rondcrossen door dit gebied heb ik wel een paar lessen geleerd die ik graag deel.

  • Parkeren is in de steden (Gouda, Woerden, Alphen) vaak betaald en niet goedkoop. Bij de boerenlocaties en natuurspeeltuinen is het bijna altijd gratis. Dat scheelt je zo een tientje op een dag.
  • Eten is een dingetje. Veel van de authentieke locaties hebben prima horeca, maar het is vaak ‘boeren’-kaart. Tosti’s, soep, pannenkoeken. Ben je vegan of heb je specifieke allergieën? Check het vooraf even. De grotere plekken zijn er op ingericht, de kleine theehuisjes soms wat minder.
  • Afstanden lijken klein op de kaart. “Oh, we rijden even van Alphen naar Schoonhoven.” Vergis je niet, dat zijn veel N-wegen waar je achter een tractor kunt belanden. Reken op wat extra reistijd en geniet van het uitzicht (serieus, die molens vervelen nooit).
  • Combineer je bezoek. Een ochtendje evenementen of markt in de stad, en daarna de polder in om uit te razen. Die balans werkt vaak het best.

Dino’s in Gouda?

Ja, die hebben we ook nog. Dino Experience Park. Het zit op het terrein van een oude midgetgolfbaan en zwembad. Het voelt een beetje kneuterig aan hier en daar, maar als je kind in de dino-fase zit, is dit het paradijs. Er staan levensgrote dino’s langs de route. Sommige bewegen en maken geluid.

Ik vond het vooral grappig hoe serieus de kinderen het nemen. Ze sluipen langs de T-Rex alsof hij ze echt gaat pakken. Er is ook een ‘goudzoek’-plek waar ze met zeefjes in het zand mogen wroeten. Reken er maar op dat je die zakjes ‘goud’ (pyriet) nog maandenlang in je auto terugvindt.

Zwemmen in natuurwater

Als het in de zomer echt heet is, vermijd ik de binnenzwembaden. De Reeuwijkse Plassen en de Nieuwkoopse Plassen hebben officiële zwemlocaties. ’t Gijbeland in de Alblasserwaard is ook zo’n plek waar de locals komen. Het water is troebel (want: veengrond), maar schoon. Er is niks lekkerder dan na een warme dag fietsen even plonsen in natuurwater. Neem wel waterschoenen mee, want de bodem kan soms wat blubberig of scherp zijn door zoetwatermosselen.

Tot slot: laat de planning eens los

We plannen ons suf tegenwoordig. Tickets moeten gereserveerd, tijdsloten geboekt. Wat ik zo fijn vind aan het Groene Hart, is dat er nog ruimte is voor spontaniteit.

Rij gewoon eens richting de Lek of de Vlist. Stop bij een bordje ‘Kersen te koop’. Huur een kano bij een boer die toevallig een steiger heeft. Mijn beste herinneringen met de kinderen zijn niet die dure dagen in de grote parken, maar die middagen waarop we eigenlijk verdwaald waren op een fietsroute en eindigden met een ijsje op een dorpsplein waar we de naam niet eens van wisten.

Dus pak die auto (of de trein, Gouda en Woerden zijn top bereikbaar), gooi die laarzen achterin en ga gewoon. Veel plezier!